| Welkom bij Gerhard ter Beek. |

De schepping was voltooid.
Gods geest zweefde over de aarde.
Rusteloos.
Want er ontbrak nog een detail;
een plaats voor God om te rusten.
Daarom maakte God in de zee
een stuk land.
Niet te groot,
maar ook niet te klein.
Hij maakte strand, met miljoenen
schelpen. Golven en branding.
Eb en vloed.
God maakte duinen en akkerland.
Ook maakte God dieren op dat stuk
Land en vogels in de lucht.
Bloemen, bomen, planten, gras.
Dit alles bedekte dit land.
Over dit land liet God het waaien,
altijd waaien. Zijn zon liet hij er
vaak over schijnen. De maan, door
hem aan de hemel gezet zou iedere
nacht waken over dit land.
En God maakte ruimte op dit land,
heel veel ruimte.
Tenslotte schiep God rust en hotel
van de Werff.
Toen dat klaar was, rustte God
in zijn eigen tuin: Schiermonnikoog.