| Welkom bij Gerhard ter Beek. |

|
Overweging zondag 25 september 2011. Vredeszondag. Protestantse Gemeente Grolloo-Schoonloo. Lucas 6: 27 – 38. Thema: hebt uw vijanden lief! Het is een intrigerende uitdaging die er aan ons wordt gesteld. Het is inderdaad ook een uitdagende vraag en misschien ook wel de moeilijkste vraag die er gesteld wordt: hebt uw vijanden lief. Misschien ook wel een onmogelijke vraag. Maar tegelijkertijd hoort deze vraag ook tot een van belangrijkste idealen van het geloof. Hebt uw vijanden lief! Het is een tegenstelling, een onmogelijke lijkt het: onze vijand liefhebben! Een botsing tussen verstand en gevoel! Er gaat nog wel een actuele vraag
aan vooraf; hebben wij nog wel vijanden? In de tijd van Jezus was het
duidelijk. De wereld was niet groter dan de stad waar je woonde. En in die stad
ging het er bepaald niet zachtzinnig aan toe. Een moord of verkrachting meer of
minder daar draaide men de hand niet voor om. En er was altijd wel een koning
van een naburige stad die het had voorzien op jouw stad. De vijand woonde bij
wijze van spreken bij je om hoek. Dan is het een bijzondere uitdaging om je
vijanden lief te hebben! Tegen die achtergrond moeten we de opmerking van Jezus
lezen. Maar wie zijn vandaag de dag nog onze vijanden? Er wordt momenteel in 85 landen oorlog gevoerd. Er zijn 20 miljoen kinderen op de vlucht voor oorlogsgeweld. Voor hen heeft deze vraag een veel grotere en andere actualiteitswaarde dan voor ons. Het begrip vijand is geen algemeen begrip. Het verschilt per plaats, per land, per context. En ongetwijfeld zijn wij bewogen door wat er gebeurt in die 85 landen en met die 20 miljoen kinderen. Spreken we onze afschuw uit en geven een bijdrage in de collecte. (en dat bedoel ik niet ironisch). Maar tegelijkertijd kan ons dat ook een groot gevoel van machteloosheid geven. Wat kan ik eraan doen? Ben ik er verantwoordelijk voor? Misschien zijn we zelfs immuun geworden door de hoeveelheid ellende die over ons wordt uitgestort, omdat de wereld veel groter geworden is dan ons eigen dorp. Zijn we daarin niet onze eigen vijand geworden? Daar zit tegelijkertijd ook wel een
tegenstelling in. Doordat die wereld veel groter is geworden, zou je denken dat
er ook meer vijanden zijn en dus de risico’s groter zijn. Nu zijn er mensen die
dat inderdaad beweren. Maar vaak komen die mensen niet veel verder dan de Islam.
Waarbij het de vraag is wie hier voor wie een vijand is? Voor wie zijn wij een
vijand geworden? We leven met elkaar in een
relatieve welvaart. Niemand die ons rechtstreeks naar het leven staat, althans
niet voor zover wij weten. De oorlog hebben we al jaren geleden achter ons
gelaten. We zijn er niet meer op uit om ons territorium uit te breiden ten
koste van anderen volken. We hoeven ook niet meer met geweld ons territorium te
verdedigen. We zijn redelijke mensen geworden, die alles proberen in goed
overleg, in diplomatie en met verstand, met elkaar te regelen. De oorlog leren
we niet meer! Einstein leerde ons dat vrede alleen bereikt kan worden door het
verstand. Hebben we dat verstand dan bereikt? Want als we vrede hebben, hebben
we blijkbaar ook geen vijanden meer? Doorpratend over de vraag of wij nog vijanden hebben komen we vaak niet veel verder dan een collega die ons irriteert, die weinig collegiaal optreedt. Een buurman of buurvrouw waar we niet echt direct een hartelijk contact mee hebben. Een familie waarmee we in onmin leven. Maar we hebben niet het idee dat ze ons direct naar het leven staan. En natuurlijk vinden we het lastig om oprecht hartelijk te doen tegen deze mensen. En liefhebben is helemaal een stap te ver. Als we proberen de boodschap te
vertalen dan kennen we ongetwijfeld de voorbeelden van de mensen waar wij ons
graag aan spiegelen, die blijkbaar in staat waren om die opdracht min of meer
gestalte te geven. Jezus zelf, Mathatma Gandhi, Nelson Mandela, de
verschillende Nobelprijswinnaars voor de vrede. De situatie waarin zij hun strijd voerde was vaak
een geëscaleerde situatie van oorlog en onderdrukking. Dat kan in ons geval
niet echt gezegd worden! Als we het hebben over grensoverschrijdend gedrag zijn
dat vaak de mensen waar wij ons aan spiegelen.
John Lennon schreef zijn, bepaald niet sterke tekst, in een tijd waarin
de geruchten van oorlogen, vooral een allesvernietigende atoomoorlog, het leven
van mensen beheerste. De verschillende ideologieën, door Lennon aangeduid als
de isme, stonden lijnrecht tegenover elkaar en hielden elkaar in een
beklemmende wurggreep. Tegelijkertijd was de wereld bevangen door aanstekelijk
optimisme, dat het zou lukken om de vrede te bewaren. Overal vond je de woorden “peace” op
geschreven. Hebt uw vijanden lief! Moeten we constateren dat deze boodschap zijn actualiteit op dit moment voor ons verloren heeft? Dat is eveneens een lastige conclusie. Want er zullen ongetwijfeld mensen zijn, mogelijk ook in onze eigen omgeving, die vijanden hebben. De opdracht van Jezus vraagt van ons grensoverschrijdend gedrag. In relatie met anderen verder gaan dan we voor onszelf voor mogelijk houden. Het toekeren van je linkerwang, het geven van je hemd, bidden voor wie je haten. Dit is een bijna onmogelijke opdracht, want garanties krijgen we niet, ook niet van onszelf. Durven wij voor onszelf in te staan; als iemand ons op onze wang slaat, dat we dan niet terug beginnen te slaan?
Hebt u vijanden lief, als u zelf! Het vraagt geloof in onszelf. We moeten onszelf een kans durven geven en daarmee de vrede een kans durven geven. We moeten buiten onszelf durven treden, grensoverschrijdend durven zijn, maar tegelijkertijd wel in verbinding blijven staan met ons eigen gevoel, met ons eigen geloof. In dat geloof moeten we ook erkennen dat grote delen van de wereld in een bloedige strijd zijn gewikkeld en in brand staan. En de liturgie, de kerkdienst, is bij uitstek de plek omdat gegeven onder de aandacht te brengen door middel van de liederen en gebeden. Zonder dat we direct naar een oplossing gaan lopen zoeken. Want dat geeft ons dat machteloze gevoel! Het gaat niet alleen om het verstand, om de oplossingen, in tegenstelling tot wat Einstein heeft gezegd. Maar ook om ons gevoel. Om de verbinding met onszelf. Om ons eigen ervaren! Misschien zijn we daarin wel onze eigen grootste vijand geworden. Liefhebben is geen kwestie van weten en berekening. Liefhebben is verbinding maken. Verbinding met de ander, maar ook met mezelf. Dan is de vraag niet meer; wie is mijn vijand, tegen wie ik mij eventueel moet bewapenen. Maar eerder de vraag: voor wie ben ik een vijand, waar ik mij voor moet ontwapenen! Zo wilde ik met u overwegen. Lof zij Jezus Messias. Amen. |