| Welkom bij Gerhard ter Beek. |

|
Overweging
zondag 4 juli 2010. Protestantse Gemeente Grolloo-Schoonloo. Lucas 12: 49-
56. Thema: ‘door
twijfel overmand’. Hoe vaak heeft de twijfel ons niet overvallen
bij een opdracht, een taak die we meekregen of die we zelf op ons hadden
genomen. We waren voor de buitenwereld misschien zo zelfverzekerd, maar binnen
in ons stormde het omdat we er toch niet zo zeker van waren dat we het ook
zouden aankunnen. Dat we bij machte waren om het uit te voeren. Zou het niet te
hoog gegrepen zijn voor ons. De twijfel
en de storm sloeg ook toe omdat we niet precies wisten wat het ons zou brengen
en of het wel goed zou aflopen. Dat is één kant van onze menselijke ziel. De
andere kant laat misschien iets anders zien. Het verlangen. Hoe vaak verlangde
wij er niet naar, diep in ons hart, dat
uitgerekend wij degene waren die kar uit
de modder zouden trekken. Die het project zouden redden. Die het werk puik
zouden afleveren en de wereld in vuur en vlam te zetten, zodat de complimenten
als een warme deken op ons neer zouden dalen. Die menselijke ziel van ons laveert geregeld
tussen twee gevoelens. Angst en hoop. Onzekerheid en verlangen. Soms overwint
het ene, dan weer het andere. De mens is
daarin kwetsbaar. Want de verwachting
van de buitenwereld kan wel eens een andere zijn dan wij kunnen of willen
waarmaken. En het verlangen dat we hebben kan weleens behoorlijk gefrustreerd
worden door de realiteit van de dag, maar ook door onze twijfels. Zie daar ook het kwetsbare van de mens Jezus.
Het laveren tussen twijfel en verlangen. In die ene zin wordt ons een moment, een blik
gegund in zijn twijfelende menselijke ziel. ‘Ik ben
gekomen om op aarde een vuur te ontsteken, en wat zou ik graag willen dat het
al brandde! Ik moet een doop ondergaan en ik word hevig gekweld zolang die niet
volbracht is”. Die man die toch alles
moet kunnen! Die man die mensen toch
moet kunnen redden! Dat is het beeld wat
wij van hem meedragen en wat ons door de eeuwen heen is voorgehouden. En die
dat volgens de overleveringsverhalen ook heeft laten zien. Zieken zou hij
hebben genezen, blinde zou hij hebben laten zien en lamme zou hij weer hebben
laten lopen. Geen enkele reden lijkt het om te twijfelen. Een succes carrière, een
leider die het volk wegleidt uit onderdrukking en vernedering. Uit ziekte en
dood. Maar het kenmerk van mensen die geacht
worden succes te hebben en leiding te geven, is dat ze hun twijfel, in ieder
geval niet openlijk, aan de buitenwereld tonen. En mensen die succes willen hebben,
moeten krachtdadig over komen. Moeten,
zegt men, snelle beslissers zijn. Twijfel wordt anders snel gezien als een
teken van zwakte, van besluiteloosheid, wat door jou tegenstander kan worden
uitgebuit. Twijfel is dan een negatieve
eigenschap. Maar de positieve kant van twijfel is dat het de menselijke rem is
op roekeloosheid. Het is goed om stil te
staan bij de keuze die je maakt in het leven. Het is goed om even stil te staan
bij de consequenties van die keuze, niet alleen voor jezelf, maar ook voor je
omgeving, voor de wereld. Het verlangen kan nog zo groot zijn, maar het mag
nooit overgaan in roekeloosheid. Het positieve van twijfel is ook dat we niet
alles maar voor dé waarheid aannemen, maar dat we ook durven vragen te stellen
bij vanzelfsprekendheden. En tegelijkertijd mag twijfel niet om slaan in
besluiteloosheid, in alles maar ter discussie stellen. Want dan komen we, inderdaad,
geen stap verder. Jezus is, gelukkig, iemand die alle menselijke eigenschappen in
zich draagt die wij ook hebben. Aan hoop en twijfel, wanhoop, domheid en verdriet.
Niets bijzonders. Maar dat maakt hem ook zo sympathiek. Hij is geen goeroe,
geen sekteleider die geen enkele ruimte laat, die zichzelf verheven acht boven
zijn volgelingen, die zich een aura van onkwetsbaarheid heeft aangemeten. En
die vervolgens van zijn volgelingen die zelfde onkwetsbaarheid verwacht. Zijn wil is wet. Jezus zelf laat vanmorgen aan ons zijn
kwetsbaarheid zien. Zijn kwelling. En daarmee opent hij de weg voor ons om onze
kwetsbaarheid, onze kwelling, onze angst en twijfel, ook zichtbaar te maken. Die
kwetsbaarheid van ons mensen, is mogelijk ook zijn grootste kwelling. Want hij
voorziet ernstige consequenties van zijn boodschap. Want de twijfel van Jezus ligt in de consequenties
die zijn taak kan hebben. Zijn verlangen naar vrede, dat is niet zijn twijfel.
Want hij wilde dat het vuur al brandde. Hij had gehoopt dat het al gerealiseerd
was. Maar hij twijfelt of hem dat ook gaat lukken en, hij is bang voor de
consequenties die zijn verlangen naar vrede en de boodschap die hij daarover
brengt, heeft. Volgens zijn eigen
zeggen, zal het vuur dat hij wil laten branden, niet leiden tot vrede, maar
juist tot verdeeldheid. En het is inderdaad precies dat menselijke fenomeen,
het menselijke verlangen naar vrede, dat vaak niet tot vrede leidt, maar tot
verdeeldheid. Tot twijfel over de weg die gevolgd moet worden! Of misschien moet je juist zeggen: ‘gebrek
aan twijfel’. Want nooit twijfelen, altijd alles zeker weten leidt niet tot
vrede, leidt tot halsstarrigheid. In die halsstarrigheid komen mensen tegenover
elkaar te staan. Worden ze in het uiterste geval zelfs fundamentalistisch. In sommige delen van de kerk kennen we dat heel
sterk. Twijfel wordt niet snel geaccepteerd.
Degene die al eens durft te zeggen dat men twijfelt, aan het bestaan van God of
aan de Bijbelverhalen, moet worden bekeerd, want dan dreigt ongelovigheid. Word
je om de oren geslagen met Bijbelteksten om die twijfel toch maar vooral te
bestrijden en in het uiterste geval
staan ze elkaar, inderdaad, naar het leven. Vader en zoon, moeder en
dochter! Je zou wensen dat er in de kerk
vaker openlijk getwijfeld zou worden. Ieder mens heeft recht op zijn twijfels. Het
geloof is er bij gebaat om te twijfelen en niet om aan de ander voor te
schrijven wat men moet geloven! Want
dat opent de weg naar verzoening, naar een open gesprek, het laat de
kwetsbaarheid zien van de mens. Maar tegelijkertijd laat het ook het verlangen
zien van de mens om mens te zijn zoals God, God wil zijn; met angst en hoop, twijfels,
onzekerheid en verlangen. We veroveren de wereld niet met halsstarrigheid, maar
juist door bruggen te bouwen, door het verlangen om te ontdekken hoe de andere
oever eruit ziet. En het beste van die twee oevers samen te brengen. Dat brengt
de vrede, ongetwijfeld, dichterbij. Zo wilde ik met
u overwegen. Lof zij Jezus Messias. |